Wet zorg en dwang

Per 1 januari 2020 is de Wet zorg en dwang (Wzd) in werking getreden. Samen met de Wet verplichte GGZ en de Wet Forensische Zorg vervangt de Wzd de huidige Wet Bijzondere opnemingen psychiatrische ziekenhuizen (Bopz). Ook gz-psychologen en orthopedagoog-generalisten kunnen de functie van Wzd functionaris vervullen. Dit betekent dat ook gedragsdeskundigen, net als de arts, eindverantwoordelijk kunnen zijn voor toepassen van onvrijwillige zorg in het kader van de WzdHet NIP is voor en achter de schermen druk bezig om de belangen van cliënten en psychologen te behartigen. In dit themadossier vindt u de laatste stand van zaken en links en u leest waar u als psycholoog rekening mee moet houden.

  • Lees meer op het informatiepunt van VWS: dwangindezorg.nl
  • Meer weten over het thema ‘gedwongen zorg’? Zie het themadossier Gedwongen zorg.
  • Voor vragen en opmerkingen, mail naar senior juridisch beleidsmedewerker bij het NIP Anne Kole via anne.kole@psynip.nl
  • Heeft u te maken met knelpunten of heeft u een vraag over de (implementatie van de) Wet zorg en dwang? Mail ons:
   
Internetconsultatie Wzd: gezamenlijke reactie NIP en NVO

Op 3 juli hebben het NIP en de NVO een reactie ingediend op de internetconsultatie over de Wet zorg en dwang en de Wet verplichte GGZ. We zijn ingegaan op de aanwezigheid van twee wetten, de Wzd en Wzggz, hebben we aandacht gevraagd voor de onduidelijke positie van de professionals in de ambulante sector en ook hebben we de niet minder wordende administratieve lastendruk benoemd. Daarnaast hebben we het ministerie het volgende ter overweging meegegeven:

1. Wilsbekwaamheid
De beoordeling van de wilsbekwaamheid gebeurt in de praktijk door een arts, orthopedagoog of psycholoog in nauwe samenwerking met de vertegenwoordiger. Wij hebben daarom voorgesteld de beoordeling van de wilsbekwaamheid ter zake niet te beperken tot alleen de BIG-geregistreerde deskundigen.

Daarbij geldt dat de deskundige in geval van twijfel of wanneer geen overeenstemming is met de vertegenwoordiger, een onafhankelijke deskundige kan inschakelen.  Het is dan denkbaar dat gezien de complexiteit van de beoordeling in deze gevallen er bij voorkeur een BIG-geregisterde deskundige betrokken wordt.

Verder is voorgesteld om ook verzet van ter zake wilsonbekwame cliënten onder de 16 jaar mee te laten wegen en daar de conclusie aan te verbinden dat bij dit verzet het stappenplan doorlopen moet worden.

2. Reikwijdte begrip onvrijwillige zorg
Artikel 2 lid 2 bepaalt dat bij sommige vormen van onvrijwillige zorg (a. toediening medicatie buiten de richtlijn; b. beperken in de bewegingsvrijheid en c. insluiten) altijd het stappenplan gevolgd moet worden, ook als de cliënt zich niet verzet/vertegenwoordiger instemt. Het gaat hier om wilsonbekwame cliënten.  Wij vragen het ministerie na te denken over alternatieve mogelijkheden die recht doen aan de rechtsbescherming van de cliënt, kwalitatief goede zorg én uitvoerbaarheid.

3. Insluiting en beperking van de bewegingsvrijheid
De reparatiewet is tevens bedoeld de uitvoerbaarheid van de wet te vergroten. Het besluit tot insluiting of beperking van de bewegingsvrijheid zou heel goed ook genomen kunnen worden door een ter zake bekwame gedragswetenschapper. Dit besluit dient daarbij uiteraard vergezeld te gaan van het oordeel van een ter zake bekwaam arts dat de cliënt deze maatregel zonder ernstig fysiek gevaar kan ondergaan. Een aanpassing in dit kader zou naar onze mening goed passen binnen de doelstellingen van deze reparatiewet.

 
Hoe nu verder?

Na afloop van de consultatieperiode worden alle reacties bekeken en wordt eventueel het wetsvoorstel aangepast. Het resultaat van de consultatie en de verwerking daarvan in het concept-voorstel wordt in een verslag op hoofdlijnen vermeld op de website van het ministerie van VWS.

Aangezien het een reparatiewet betreft zijn er met name technische aanpassingen. De meer beleidsrijke onderwerpen worden doorgeschoven naar de evaluatie van de wet welke in 2022 gepland staat. Wij hebben echter toch gemeend dat het nu al belangrijk is enkele onderwerpen aan te snijden. Ook via de landelijke overlegtafels zullen we deze onderwerpen blijven agenderen. Via vragenwzd@psynip.nl kunt u ook aangeven waar ú tegenaan loopt.

Meer lezen:  
Spoedreparatiewetsvoorstel naar de Tweede Kamer
Op 11 mei 2020 is het spoedreparatiewetsvoorstel Wvggz en Wzd aan de Tweede Kamer aangeboden. In dit wetsvoorstel worden wijzigingen in de Wet verplichte ggz en Wet zorg en dwang met een breed draagvlak voorgesteld, waardoor het wetsvoorstel binnen een relatief kort tijdsbestek in procedure gebracht kan worden. Het wetsvoorstel beoogt de uitvoerbaarheid van de Wvggz en Wzd te verbeteren door een aantal administratieve handelingen in de wet te vereenvoudigen of te schrappen. In 2020 wordt verder gewerkt aan een tweede, omvangrijker wetsvoorstel ter aanscherping van de uitvoerbaarheid van de Wvggz en de Wzd. Zijn er wat jullie betreft nog wijzigingen nodig, laat het ons weten op vragenwzd@psynip.nl.    
Brief aan Tweede Kamer: NIP uit zorgen over uitvoerbaarheid Wet zorg en dwang
Het NIP heeft op 29 januari 2020 de Tweede Kamer per brief aandacht gevraagd voor de zorgen met betrekking tot de uitvoerbaarheid van de Wet zorg en dwang. Het NIP heeft aangegeven de intentie van de wet te delen, maar we geven ook aan dat door de extreme werkdruk in relatie tot een schaarste op de arbeidsmarkt de uitvoerbaarheid van de wet in gevaar komt. Ook het risico van de individuele aansprakelijkheid van de professional in het overgangsjaar is een zorg die we opnieuw onder de aandacht hebben gebracht.  
Ledenbrief: uitdagingen in uitvoerbaarheid Wzd per 1 januari 2020
In het voorjaar hebben we het ministerie diverse aandachtspunten meegegeven bij de implementatie van de wet. Het afgelopen jaar is door ministerie en veldpartijen hard gewerkt om de wet per 1 januari zorgvuldig in werking te laten treden. Dat laat onverlet dat er nog veel onduidelijk is en er nog veel te doen is de komende tijd.