Maak kennis met – De psycholoog in de gehandicaptenzorg

Susan Huijbregts is gz-psycholoog en werkt voor de Amarant Groep, een organisatie voor mensen met een verstandelijk beperking.

‘Ik wilde op de basisschool al psycholoog worden, maar ik ben ‘per ongeluk’ in de gehandicaptenzorg terecht gekomen. Tijdens mijn studie Kinder- en Jeugdpsychologie werkte ik in een logeerhuis voor verstandelijk beperkte kinderen. Daarna liep ik stage bij de Amarant Groep. Ik vond het zo leuk dat ik ben blijven plakken.’

Waarom vond u het leuk?
‘De gehandicaptenzorg heeft geen sexy imago. Misschien omdat het werk eendimensionaal lijkt maar dat is het juist niet. Mensen met een verstandelijke beperking kunnen alle psychiatrische problemen krijgen die jij en ik ook kunnen krijgen en hebben daarnaast cognitieve en emotionele  beperkingen. Een enkelvoudige behandeling is vaak niet genoeg. Het spreekt mij aan dat ik tijdens mijn werk verschillende brillen moet opzetten om de oorzaken van de problemen te achterhalen en een behandelplan te maken.

Welke problematiek behandelt u?
‘De laatst acht jaar werk ik met mensen met een licht verstandelijke beperking die psychiatrische problemen, verslavingsproblemen en medische problemen hebben. Ik ben hoofdbehandelaar op de crisisafdeling en twee woonafdelingen. Op de ene woonafdeling zitten cliënten die eventueel in de maatschappij zouden kunnen re-integreren; op de andere afdeling verblijven cliënten langdurig om de maatschappij tegen hen te beschermen.

Voelt u zich weleens bedreigd door uw cliënten?
‘De Amarant Groep heeft een omgeving gecreëerd waarin ik veilig kan werken. Tijdens een crisisopname heb je altijd hulplijnen en er staan drie mensen standby als iemand bijvoorbeeld agressief zou kunnen zijn. Ik was één keer erg geschrokken toen de politie een man binnenbracht die crisisopname weigerde. Hij bleek nog een vlindermes op zak te hebben toen de politie vertrok; ze hadden hem niet gefouilleerd. Gelukkig is dat goed afgelopen.’

Wat vindt u lastig aan uw werk?
‘De samenleving lijkt soms wat doorgeslagen in de toepassing van het normalisatie- en emancipatieprincipe: het idee dat mensen met verstandelijke beperking dezelfde rechten en vooral dezelfde plichten moeten hebben als de rest. Wij staan achter dit principe, maar wel als het binnen de mogelijkheden van de cliënt valt. De IQ-grens voor de indicatie van zorg wordt bijvoorbeeld te strak gehanteerd. Hierdoor bestaat er een grote groep ‘tussen wal en schip’-cliënten waarvan wordt verwacht dat zij zichzelf kunnen redden, terwijl ze in feite hulp nodig hebben. Wij zien cliënten met een IQ van 87 die op emotioneel niveau zo slecht functioneren dat zij hun verantwoordelijkheden niet aankunnen. Ik vind het pijnlijk dat ik deze cliënten moet laten gaan.’

Wordt er in de geestelijke gezondheidszorg wel genoeg aandacht aan de zorg voor gehandicapten besteed?
‘Nee. In het onderwijs is de gehandicaptenzorg onderbelicht. Je wordt er nauwelijks voor opgeleid.  Je moet veel ervaring hebben om per cliënt en per situatie te bedenken wat een passende diagnose en behandeling is. Ook de diagnostiek is onvoldoende ontwikkeld voor mensen met een verstandelijke beperking. Tests zijn bijvoorbeeld te verbaal ingericht. Het is tijdens de diagnostisering daarom altijd puzzelen, maar dat is wél een van redenen dat ik mijn werk zo leuk vind.‘