Voorwoord

In 2015 heeft het NIP een herziene versie van de Beroepscode voor psychologen (NIP, 2015) uitgebracht. Deze Beroepscode voor psychologen beschrijft de ethische uitgangspunten en gedragsregels met betrekking tot de professionele relatie tussen psychologen en cliënten, (externe) opdrachtgevers en/of overige betrokkenen.

NIP-leden en/of NIP-geregistreerden zijn aanspreekbaar op de Beroepscode. Het toezicht op de naleving van de Beroepscode berust bij twee onafhankelijke verenigingstuchtrechtelijke instanties: het College van Toezicht (CvT) en het College van Beroep (CvB) van het NIP. Wie bezwaren heeft tegen het beroepsmatig handelen van een NIP-psycholoog en/of NIP-geregistreerd psycholoog en zich rechtstreeks benadeeld voelt, kan een klacht indienen bij het CvT. Tegen een uitspraak van dit college kunnen de klager en/of de psycholoog beroep instellen bij het CvB. Er zijn ook organisaties, zoals de Stichting Kwaliteitsregister Jeugd (SKJ), die een eigen tuchtreglement hebben , maar waar het professioneel handelen van de geregistreerden ook getoetst wordt aan de Beroepscode van het NIP, indien deze op hen van toepassing is.

De Algemene Standaard Testgebruik NIP 2017 (hierna aangeduid als: AST-NIP) is een nadere uitwerking van en/of toelichting op de Beroepscode. Het is een bewerking en de opvolger van de AST-NIP uit 2010. Het doel van de Beroepscode is het bevorderen van de beroepsethische reflectie en dient daarbij als maatstaf voor toetsing van het beroepsmatig handelen van psychologen. De AST-NIP heeft een overeenkomstig doel, specifiek voor het gebruik van psychodiagnostische instrumenten die door psychologen worden ingezet in het kader van de psychodiagnostiek en/of (de evaluatie van) psychologische interventies. In de AST-NIP worden dan ook (algemene) richtlijnen geformuleerd waaraan een verantwoorde testkeuze en verantwoord testgebruik moeten voldoen. In de AST-NIP zullen ter illustratie specifieke artikelen in de Beroepscode worden uitgelicht. Deze artikelen zijn echter niet meer (of minder) relevant voor het beroepsmatig handelen van de psycholoog dan de overige artikelen in de Beroepscode.

Het CvT en het CvB toetsen rechtstreeks aan de Beroepscode. Deze colleges kunnen de AST-NIP, die op zichzelf geen onderdeel van de Beroepscode vormt, betrekken bij de toetsing van het beroepsmatig handelen van de psycholoog aan de Beroepscode, als nadere invulling en/of interpretatie van artikelen in de Beroepscode op het gebied van het gebruik van psychodiagnostische instrumenten. Voor situaties die nadere uitwerking behoeven kunnen in de toekomst zo nodig specifieke standaarden worden ontwikkeld; deze hebben dan eveneens het karakter van aanvullingen op en verbijzonderingen van de Beroepscode.

Tot slot wordt benadrukt dat het NIP grote bezwaren heeft tegen de toepassing van psychodiagnostische instrumenten door diegenen die daartoe de benodigde kennis en vaardigheden missen en door psychologen die zich niet verplichten aan de Beroepscode. Het NIP is van mening dat de Beroepscode en de AST-NIP nauw verbonden zijn met de algemene principes geldend in de psychodiagnostiek en dat deze naar hun aard zouden moeten gelden voor de beroepsuitoefening van alle psychologen in alle werkvelden en evenzeer voor universitair opgeleide psychodiagnostici van andere disciplines[1]. Cliënten en andere opdrachtgevers dienen zich echter te realiseren dat alleen NIP-leden en/of NIP-geregistreerden direct aan te spreken zijn op de Beroepscode, ook in het kader van de klachtenprocedure bij het NIP.

De AST-NIP is vastgesteld door het Algemeen Bestuur van het Nederlands Instituut van Psychologen op 22 januari 2018.

 

Januari 2018

Mw. dr. P.P.M. Hurks, voorzitter Commissie Testaangelegenheden Nederland

Drs. C.J. van der Boom, voorzitter Bestuurscommissie Ethische Zaken

[1] In de tekst van de AST-NIP zal alleen de term ‘psycholoog’ worden gebruikt.