Algemeen deel: begrippen

 

Artikel 1: Begrippen

In de beroepscode worden de volgende begrippen gehanteerd:

1.1       Het beroepsmatig handelen

Alle handelingen die de psycholoog verricht wanneer hij optreedt in de hoedanigheid of functie van psycholoog of gebruik maakt van de aanduiding psycholoog; hieronder valt de professionele relatie, het optreden als wetenschappelijk onderzoeker, docent, supervisor, in de media et cetera.

 

1.2       De betrokkene

Elke persoon die direct of indirect is betrokken bij het beroepsmatig handelen van de psycholoog of die daardoor in zijn belangen wordt geraakt; zoals de cliënt, de partner en naaste verwanten van de cliënt, de opdrachtgever, collega, student, proefpersoon, et cetera.

 

1.3       De professionele relatie

De relatie die de psycholoog aangaat met een of meer personen, gericht op behandeling, begeleiding, advisering of psychologisch onderzoek.

 

1.4       De cliënt

De persoon met wie de psycholoog een professionele relatie aangaat, onderhouden, of onderhouden heeft; zoals de patiënt,  de onderzochte, et cetera.

 

1.5       Het cliëntsysteem

Een aantal personen in hun onderling functioneren, met wie de psycholoog een professionele relatie aangaat, onderhoudt,  of onderhouden heeft.

 

1.6       Derden

Alle anderen dan de cliënt of het cliëntsysteem.

 

1.7       De opdracht

Omvat zowel de vraagstelling die aan het beroepsmatig handelen ten grondslag ligt, als de afspraken over voortgang, procedurele aspecten en rapportage en de financiële afwikkeling van de opdracht.

 

1.8       De opdrachtgever

De cliënt of het cliëntsysteem, dan wel de externe opdrachtgever door wie de opdracht wordt gegeven.

 

1.9       De externe opdrachtgever

De persoon of rechtspersoon die opdracht heeft gegeven tot enige vorm van beroepsmatig handelen, maar die niet zelf de cliënt of het cliëntsysteem is, noch de verwijzer.

 

1.10     De verwijzer

De persoon op wiens advies de cliënt een professionele relatie met de psycholoog aangaat.

 

1.11     Wettelijk vertegenwoordiger(s):
  • de ouder(s) van de minderjarige cliënt, die het ouderlijk gezag uitoefent of uitoefenen, dan wel diens voogd;
  • de door de rechter benoemde curator of mentor van de meerderjarige cliënt.

 

1.12     Gerichte toestemming 

De toestemming tot enig handelen, die een betrokkene geeft aan de psycholoog nadat deze de aard, de bedoeling, de mogelijke consequenties en de reikwijdte van dat handelen expliciet heeft duidelijk gemaakt.

 

1.13     Gegevens 

Alle op een persoon herleidbare data die in welke vorm dan ook bewaard worden, waaronder begrepen audiovisuele middelen en geautomatiseerde databestanden.

 

1.14     Dossier 

De op een cliënt of cliëntsysteem betrekking hebbende verzameling van alle gegevens, die de psycholoog in zijn beroepsmatig handelen heeft verkregen en die deze bewaart vanwege hun relevantie voor kwaliteit en continuïteit van de professionele relatie. Persoonlijke werkaantekeningen van de psycholoog behoren niet tot het dossier.

 

1.15     Gegevensverstrekking

Het aan derden ter beschikking stellen van gegevens zoals die in het dossier aanwezig zijn, anders dan in de vorm van een rapportage.

 

1.16     Rapportage

Alle tot één of meer personen herleidbare bevindingen, beoordelingen of adviezen, die mondeling of schriftelijk worden uitgebracht.