Het mechanische oordeel - Godfried Westen

Godfried Westen

Al heel lang is bekend dat het oordeel van psychologen erg vatbaar is voor subjectiviteit en beoordelingsfouten. Al ligt mijn ervaring voornamelijk op het vlak van de arbeid- en organisatiepsychologie, ik trek het even wat breder: voor alle takken van psychologie is het tijd een forse dosis medicijn tegen subjectiviteit en beoordelingsfouten toe te dienen. Dat medicijn is mechanisering van oordelen in hun verschillende verschijningsvormen.

 

Weerstand
Mechanisering kennen we al langer in de vorm van protocolisering en wat minder populair in de vorm van algoritmes. De praktische mogelijkheden om de kwaliteit van het oordeel van psychologen bij diagnose, gestructureerde analyse van oorzakelijke verbanden, adviezen en geschiktheidsoordelen te verbeteren, worden echter nog onvoldoende benut. Daardoor blijft de effectiviteits- en validiteitsgroei erg beperkt in ons vakgebied.

 

Hoe komt het dat er op vele andere terreinen – zoals de rechterlijke macht, opsporing, geneeskunde, games, internetdienstverlening, sociale media – druk geëxperimenteerd wordt met mechanisering van oordelen en gegevensgebruik, maar er binnen het vakgebied psychologie zo weinig enthousiasme lijkt te bestaan, bij wetenschappers zowel als practitioners?

 

Practitioners
Als het gaat om practitioner-psychologen is de weerstand wel voor te stellen. De eigen ruimte om een oordeel te vormen en een aanpak uit te stippelen wordt ingeperkt ten gunste van bijvoorbeeld een algoritme. Het helpt natuurlijk wel een beetje als de practitioners worden betrokken, hun ervaringskennis serieus verdisconteerd wordt en de werkwijze bij de constructie van een algoritme zorgvuldig oogt.

En ook al is de mechanisering van het oordeel niet in de eerste plaats bedoeld om de psycholoog te vervangen, er is toch een risico dat er meer eisen gesteld worden. De transparantie is groter en daarmee de mogelijkheid van controle op juistheid van de toegepaste werkwijze van de psycholoog. Dat kan ongemakkelijk voelen. En natuurlijk is verandering voor iedereen lastig en roept het ook bij psychologen weerstand op.

 

Wetenschappers

Bij wetenschappers ligt dit anders. Het thema oordeelsvorming en de mogelijkheid om deze te verbeteren door mechanisering en algoritmes werd op de agenda gezet door wetenschappers als de overleden psycholoog Paul E. Meehl en volgelingen rond de jaren 60. Maar tot veel verandering heeft het niet geleid.

 

  • Ja er wordt wel wat meer automatisch gerapporteerd met gebruikmaking van veelal nog uiterst grove algoritmes. Deze algoritmes zijn vaak veel te eenvoudig om de complexiteit van het gedrag van individuen goed te kunnen vangen.
  • Ook lijkt de constructie van databestanden van bijvoorbeeld testgegevens van patiënten en kandidaten achter te blijven. Daardoor blijven toepassingen van analysetechnieken zoals die populair zijn bij Big Data veelal achterwege.
  • Privacy is – toegegeven – een knelpunt, maar oplosbaar door zorgvuldige inrichting van bestanden en anonimisering.

Er zijn bij mijn weten weinig onderzoekers bezig met het specialisme mechanisering van oordeelsvormingen met behulp van algoritmes. In het blad De Psycholoog wordt nauwelijks over dit onderwerp gepubliceerd. Er is ook eerder sprake van stilstand op ons vakgebied als het gaat om toepassing van Big Data-analysetools en zelflerende systemen.

Naar mijn stellige overtuiging is de psychologie bezig de boot volledig te missen. En dit terwijl de noodzaak groot is. Het is een feit dat er nauwelijks toename is van effectiviteit en validiteit van methoden en instrumenten op de verschillende toepassingsdomeinen.

 

Bent u bezig met algoritmes?
Ik hoop dat mijn beeld niet klopt dat ik hiervoor schets. En dat er dus veel collega’s actief zijn, op welke manier dan ook, op het vlak van mechanisering van oordeelsvorming.

 

Een positieve ontwikkeling acht ik ook Routine Outcome Monitoring (ROM). Want zonder goede informatie over de effectiviteit van je professionele handelen blijft het vaak toch bij slagen in de lucht. Ik heb zelf in de laatste fase van mijn loopbaan veel tijd gestopt in het ontwerp van specifieke algoritmes ten behoeve van personeelsselectie. Ook het uitwerken en verbeteren van het proces van algoritmisering had mijn aandacht. Daarover verscheen een serie in A&O-items.

Het is tenslotte niet ondenkbaar dat wetenschappers in stilte onderzoek doen naar mechanisering van de oordeelsvorming en algoritmisering en – loot van dezelfde stam – protocolisering. Ook zijn er misschien practitioners die aan algoritmes werken voor eigen gebruik.

Laat u horen! Stuur een mail met een korte schets van de manier waarop u bezig bent met algoritmes naar info@schoolvoorpsychologie.nl.

 

Literatuur

Meehl, P.E. (2013). Clinical versus Statistical Prediction: A Theoretical Analysis and a Review of the Evidence (reprint ed. Edition). Brattleboro, VT: Echo Point Books & Media.

 

Godfried Westen, Registerpsycholoog NIP/ Arbeid & Organisatie, publicist en eigenaar van de School voor psychologie.