Je plek vinden

Angela Koolmees | A&O-items 25-11-2020

Ik ben net verhuisd. Naar een fijn huis met eigen praktijkruimte in een groene omgeving. Een wens ontstaan tijdens de coronapandemie.

Het vinden van een goede plek en een dito huis vond ik best lastig. En om dan in deze markt ook dit huis te kunnen kopen Het daadwerkelijk verhuizen leek mij daardoor zoveel makkelijker dan dat hele proces ervoor. Een beetje dozen inpakken en uitpakken. Mijn favoriete kast meenemen en daar een mooie plek geven. Daartussen een verfje op de muur en klaar. Hoe moeilijk kan het zijn? Maar daar heb ik me in vergist.

 

Realitycheck

Het was in de praktijk namelijk wel anders. Wat ik daarin tegenkwam, was dat alles letterlijk en figuurlijk van zijn plek ging en ik het een nieuwe plek had te geven. Maar ook mijzelf had ik een plek te geven in deze nieuwe omgeving. Van tevoren had ik niet kunnen bedenken hoe dat zou zijn. Mijn hele werkelijkheid veranderde en met iedere doos die ik inpakte, uitpakte en met iedere muur die ik verfde, was er weer een nieuwe normaal waar ik me toe had te verhouden. Ondanks het fijne huis verlangde ik weleens terug naar hoe het voorheen was en wilde ik dat alles weer normaal was. Maar ja, ik was op een point of no return met het besef dat verhuizen niet voor niets in de top tien van ingrijpende life events staat (Holmes & Rahe, 1967).

 

Terug naar normaal

De wens dat alles weer normaal is, hoor ik regelmatig terug van cliënten. Dat ze willen dat alles weer normaal en zoals voorheen is. Daarmee wordt bedoeld het leven zoals we dat kenden voor de Covid-19 pandemie.

Alsof er in de tussentijd niets is gebeurd, alsof er niets is veranderd en de draad weer opgepakt kan worden vanaf het moment dat de pandemie begon. Daarentegen hoor ik weer van andere cliënten dat het voor hen helemaal niet terug hoeft naar het oude en dat ze er best tegenop zien. Na de vraag of ze echt in dezelfde patronen verwachten te stappen, antwoorden de meeste cliënten dat ze toch wel dingen anders gaan doen. Bijvoorbeeld meer thuiswerken. Dit sluit ook aan bij diverse onderzoeken waar uitkomt dat er een andere vorm van werken komt, een meer hybride vorm van zowel thuis als op kantoor werken (Jongen,Verstraten & Zimpelmann, 2021; Oude Hengel, 2021). Ook werkgevers zijn veelal voorstander van deze hybride vorm. Het thuiswerken heeft gedurende de pandemie aantoonbaar gewerkt. (Kasteleijn & Wouters, 2020; Misset, 2021). In die zin zal werken anders zijn dan voorheen en zullen we niet meer volledig teruggaan naar zoals het voor de pandemie was.

 

Comfort zone

Iedereen heeft dus zo zijn eigen beleving bij de versoepelingen. Het is ook niet zo vreemd om er (deels) tegenop te zien. Na ruim een jaar in lockdown te zijn, wen je aan de situatie en wordt het een deel van je comfort zone, waar comfort zone alles omvat wat je kent, zowel aangename als onaangename zaken (Koolmees, 2020). De versoepelingen vragen om ons, wederom, anders te verhouden tot dat wat we op dit moment kennen. Daarmee verandert onze comfort zone. We worden uitgedaagd om een stapje te zetten over de grens van onze comfort zone in de leerzone om nieuwe dingen te ontdekken.

 

Cave syndrome

Zo collectief in een lockdown moeten gaan, kan ook een vorm van gewenning geven. Een lockdown is, in al zijn (on)aangenaamheid dan een onderdeel van de comfort zone. We hebben nieuwe rituelen en gewoonten moeten aanleren, zoals handen ontsmetten, een mondkapje dragen en afstand houden. De versoepelingen vragen om het doorbreken van deze aangeleerde gewoonten en patronen. Recent onderzoek heeft aangetoond dat de transitie uit de lockdown een ongemakkelijk gevoel kan geven in het weer in contact zijn met anderen (APA, 2021).

Dat is het gevolg van een lange tijd in hoge mate geïsoleerd te zijn geweest en gewend te zijn aan bepaalde gewoonten en daar wellicht ook de voordelen van inzien. Dit wordt ook wel het cave syndrome genoemd (APA, 2021; Newsome, 2021). De angst voor besmetting en overlijden, alsmede de gevolgen in het dagelijks leven, spelen hierin een grote rol. Geschat wordt dat een derde van de mensen hier veel last van zal ondervinden en dat twee derde voldoende veerkrachtig is om hiermee om te gaan (Taylor & Asmundson, 2020).

 

Individueel en ook generiek

Hoe verschillend de ervaring voor iedereen ook kan zijn, er zijn ook zeker overeenkomsten. Bijvoorbeeld dat we allemaal een transitieproces doormaken van een situatie van isolatie naar een situatie van mogelijkheden. Iedereen heeft daar zijn plek in te vinden, letterlijk en figuurlijk. Transitie gaat over zaken die betekenis hebben en waar in het proces een flinke aanpassing wordt gevraagd. Het verhouden tot de nieuwe situatie, oftewel de comfort zone die weer verandert. Het is als een dans tussen oud en nieuw.

Een risico hierbij is dat er doorgegaan wordt, zonder stil te staan bij wat deze verandering doet en wat hierin nodig is. Want in die verandering zullen er waarschijnlijk ook zaken zijn die losgelaten mogen of moeten worden of zijn er andere keuzes te maken. Dat is iets wat tijd en aandacht nodig heeft, simpelweg omdat het een aanpassing vraagt. In die aanpassing kan ook het afscheid nemen nodig zijn van iets wat niet meer terugkomt. Bijvoorbeeld de verwachting dat werken weer als voorheen zal zijn.

 

Verfrissend

Transitie is zoals hiervoor geschreven, een proces; en een proces gaat stap voor stap. Het kan ook heel verfrissend zijn dat in deze huidige nieuwe normaal alles opgeschud is. Zaken die zo vanzelfsprekend bij de oude situatie hoorden, kunnen in de huidige situatie wel helemaal niet meer passen. Het is een uitnodiging om bewust deze stappen te nemen en opnieuw te kiezen.

Zo ook met mijn favoriete kast. Die paste helaas niet in mijn nieuwe huis, wat ik heel jammer vond.  Uiteindelijk heb ik besloten om het te verkopen aan iemand bij wie de kast wel tot zijn recht komt en kan ik een mooie nieuwe kast uitzoeken die wel in mijn huidige huis past.

 

Referenties