Eerdere nieuwsberichten met betrekking tot de Jeugdwet

Hieronder treft u een uitgebreid overzicht van de nieuwsberichten vanaf 2016 die over de Jeugdwet gaan. Klik op de link om direct het bericht te lezen.
Ga hier terug naar het Jeugdwet achtergronddossier.

 

Expertise psychologen en pedagogen breder inzetten op school en in de samenwerking met de jeugdhulp

(10-02-2016)
In de zomer van 2016 is een zeer uitgebreide enquête uitgezet onder de leden van NIP en NVO. Wij danken de leden voor de tijd die ze geïnvesteerd hebben in deze enquête.

Uit de opbrengsten blijkt dat psychologen en pedagogen op alle niveaus (leerling, klas, school en bovenschools) werkzaam zijn. In toenemende mate leveren ze een bijdrage aan het beleid op de scholen. NIP en NVO constateren op grond van de uitkomsten dat geïnvesteerd moet worden in hoe de kennis van de psychologen en orthopedagogen in de beleidsadvisering gebruikt kan worden.

Meer dan driekwart van de ondervraagden is van mening dat de zorgplicht die op scholen rust goed vorm krijgt, maar er zijn nog regelmatig plaatsingsproblemen. Van alle respondenten is 84 % betrokken bij het opstellen van een ontwikkelingsperspectief-plan (OPP) van leerlingen. Daarin staan de onderwijsdoelen en de noodzakelijke ondersteuning beschreven. Dat doen ze vaak zelf. Anderen geven aan dat ze vooral een coachende of ondersteunende rol hebben.

Als het gaat om het arrangeren van een integraal aanbod aan leerlingen en hun ouder(s) zien we dat de psychologen en pedagogen dat iets meer dan de helft van de respondenten op de hoogte is van de afspraken die er zijn met de gemeenten, die de regie voert over de jeugdhulp en jeugdbescherming. Daar is dus nog winst te behalen. Aan de samenwerking tussen onderwijs en jeugdhulp geven de leden een 5,9 als rapport cijfer. Integrale hulp is vaak aangewezen, maar lang niet altijd beschikbaar Dat kan in het belang van de leerling dus beter!

Ook op het terrein van de privacy en het beroepsgeheim is nog het nodige te verbeteren. Daarover voeren NIP en NVO inmiddels overleg met de PO-raad en de VO-Raad. In juni 2017 organiseren we over privacy in het onderwijs een speciale bijeenkomst . Let op de agenda op onze websites.

Lees meer
Rapport uitkomsten enquête onder psychologen en pedagogen werkzaam in het onderwijs
Brochure Psychologen en (ortho)pedagogen in het onderwijs

 

Adoptiepsycholoog Anneke Vinke en de eindeloze contracten

(03-02-2017)
De bureaucratie in de zorg neemt toe, reden genoeg voor tijdschrift De Psycholoog om er een themanumer aan te wijden. De afgelopen jaren moesten vooral de Kinder- & Jeugdpsychologen zich door steeds hogere stapels papierwerk worstelen. Hoe vergaat het hen?

De Psycholoog keek mee met adoptiepsycholoog Anneke Vinke en zag dikke contracten voorbij komen, maar ook goedwillende ambtenaren en kleine problemen die erg taai bleken te zijn. Het leverde een voor velen herkenbaar stuk op over boeteclausules, terugbetalingsregelingen, rechtmatigheidstoetsing en verkeerd geplaatste komma’s.
Vinke: ‘Ik kon drie uur met een rekening bezig zijn om hem ingediend te krijgen.’
Lees hier het volledige interview met Anneke Vinke

Meer artikelen uit De Psycholoog lezen?
Als NIP-lid ontvangt u tijdschrift De Psycholoog maandelijks op uw deurmat. Tevens kunt u de eerder verschenen artikelen teruglezen via tijdschriftdepsycholoog.nl.
Bent u nog geen lid? Schrijf u dan gelijk in of neem een abonnement.

 

De psycholoog als bijzondere curator bij complexe scheidingen

(02-02-2017)
In complexe scheidingssituaties kan de rechtbank een bijzondere curator benoemen als belangenbehartiger voor de betrokken kinderen. Vaak gaat het daarbij om een advocaat of een mediator. Advocaten zijn echter niet uitgebreid geschoold in de ontwikkeling van en het praten met kinderen, en in de wijze waarop scheiding of conflict invloed op hen heeft. Expertise waarover bijvoorbeeld kinder- en jeugdpsychologen wel beschikken net als psycholoog mediators.

In de rechtbank Zeeland-West-Brabant, locatie Breda (ZWB/Breda) heeft men ervaring opgedaan met het benoemen van gedragsdeskundigen (zoals psychologen) als bijzondere curator. Over deze pilot is onlangs een uitgebreid onderzoeksrapport verschenen van de Raad voor de Rechtspraak.

De werkwijze van een bijzondere curator bestaat eruit dat deze persoon praat met het kind, praat met de ouders en probeert ouders inzicht te geven in het belang van het kind. Op basis van deze activiteiten brengt de bijzondere curator verslag uit aan de rechter over wat het belang is van het kind in de strijd tussen de ouders. In het onderzoeksrapport staan de volgende vragen centraal: Wat is de meest succesvolle werkwijze van deze curatoren? Wat zijn belangrijke randvoorwaarden? En wat is de meerwaarde van een bijzondere curator/gedragsdeskundige (bc/gd) ten opzichte van een bijzondere curator/advocaat (bc/ad)?

Enkele bevindingen
Alle in de pilot betrokken rechters zien een duidelijke meerwaarde van de bc/gd ten opzichte van de bc/advocaat in complexe scheidingssituaties. Ook is 78% van de geïnterviewde ouders en ruim 75% van de kinderen tevreden met het bc/gd-traject.

In zaken met een bc/gd komen partijen vaker tot overeenstemming over het geschil (n = 13; 25%) dan in zaken met een bc/advocaat (n = 3; 16,5%). Een opvallend groot verschil is de mate waarin partijen bij tussenbeschikking, na het traject bij de bijzondere curator, een gezamenlijk hulpverleningstraject overeenkomen. In de bc/gd-zaken is dit bij zeventien zaken (32,5%) het geval en in de bc/advocaat-zaken in één zaak.

Een gedragsdeskundige kan echter geen verzoeken indienen bij de rechtbank, dus in zaken waarbij namens de minderjarige een verzoek dient te worden ingediend is een advocaat alsnog nodig.
Lees het volledige onderzoeksrapport hier.

 

Hoe bied je de beste hulp aan kinderen met een mogelijke ontwikkelingsachterstand?

(25-01-2017)
Jonge kinderen met een mogelijke ontwikkelingsachterstand verdienen goede hulp. Maar wat is dat dan en hoe bied je dat? Over dit soort vragen heeft de Taskforce Integrale Vroeghulp zich van 2013 tot 2016 gebogen. Hun antwoorden zijn vanaf nu te vinden in de Eindrapportage Integrale Vroeghulp.

In de rapportage staat tevens een overzicht van de verschillende activiteiten die in deze periode zijn verricht om integrale vroeghulp te bevorderen en te borgen, en een landelijk dekkend netwerk te stimuleren. Het project sluit nauw aan op de het initiatief 1001 Kritieke Dagen van NIP, NVO, DAIMH en Babywerk. Bekijk hier de Eindrapportage Integrale Vroeghulp


Meer weten over dit onderwerp?
· Bekijk de site Integrale Vroeghulp het Platform Integrale Vroeghulp
· Bekijk ons themadossier 1001 Kritieke Dagen het themadossier van het NIP

 

Uitfaseren DBC-systematiek jeugd-ggz per 2018

(20-12-2016)
Het beëindigen van het werken met DBC’s roept vragen op: Hoe sluit je lopende trajecten af, hoe wordt het gebruik van de berichten JW321 en JW322 uitgefaseerd, en hoe gaat men om met correcties na de beëindigingsdatum?

Bij de overgang van de jeugd-ggz naar de Jeugdwet per 2015 is afgesproken om de DBC-systematiek nog drie jaar te handhaven, hetgeen volgde uit een bestuurlijke afspraak tussen het ministerie van VWS, Zorgverzekeraars Nederland (ZN) en de VNG. De overgangsperiode loopt af op 1 januari 2018, waarna DBC’s niet langer een rol spelen in de j-ggz. Nu wordt gewerkt aan een landelijk uitfaseringsprotocol.

Het landelijk protocol zal een eenduidige werkwijze bieden om de DBC’s correct af te ronden en helderheid over de consequenties voor de administratie van en informatie-uitwisseling tussen gemeenten en aanbieders. Het protocol wordt opgesteld door het programma i-Sociaal Domein in samenwerking met VNG, GGZ Nederland, NIP, Zorginstituut Nederland en Vektis.

Het protocol is bedoeld voor gemeenten, aanbieders en softwareleveranciers in de jeugd-ggz en verschijnt begin 2017.

 

NIP/NVO Handreiking gesloten jeugdhulp en modellen herzien

(13-12-2016)
De werkgroep gesloten jeugdhulp heeft de handreiking gesloten jeugdhulp herzien. De Jeugdwet biedt de mogelijkheid om jongeren gesloten op te vangen. Als extra waarborg is in de Jeugdwet opgenomen dat de rechter slechts een machtiging gesloten jeugdhulp afgeeft als er een instemmingsverklaring van een gekwalificeerde gedragswetenschapper bij het verzoek tot afgifte van een machtiging is gevoegd.

In de herziene handreiking voor deze Kinder- en Jeugdpsycholoog, Orthopedagoog-generalist, gezondheidszorgpsycholoog of psychotherapeut wordt in gegaan op details van deze bijzondere taak.

In het themadossier zijn ook de herziene modellen voor de instemmingsverklaring opgenomen.
De Handreiking en de herziene modellen vindt u in het themadossier Gesloten jeugdhulp

 

Jaardocument Zorg en Jeugd 2016 en 2017 vastgesteld

(23-11-2016)
De minister van V&J en de staatssecretaris en minister van VWS hebben de jaardocumenten Zorg en Jeugd 2016 en 2017 vastgesteld. Speciaal voor kleine jeugdaanbieders heeft het NIP (mede namens NVO, LVVP en NVVP) zich ingespannen om het format jaarrekening te vereenvoudigen. Wij zijn blij dat veel van onze opmerkingen en suggesties voor dit format jeugd zijn meegenomen voor 2016. Dit format wordt ook gehanteerd in 2017, waarbij met VWS is afgesproken dat ook de ervaringen van het jaardocument 2015 nog meegenomen worden.

Met deze vaststelling zijn de jaardocumenten geactualiseerd en bovendien geïnnoveerd met de vereenvoudiging voor kleine jeugdaanbieders. Daarbij komt de vrijstelling van de samenstellingsverklaring zoals in het format beschreven. De bewindslieden hebben ook ingestemd met de ontwikkeling van een vereenvoudigd format voor kleine zorginstellingen (Zvw).

Het format Zorg en Jeugd is klaar en is beschikbaar via de website www.jaarverslagenzorg.nl.

NIP-leden kunnen het vinden in het themadossier Jeugdwet achtergrond dossier.

Graag horen wij wat u van de vereenvoudigde versie van het Jaardocument 2016 vindt, zodat wij dit weer mee kunnen nemen in onze gesprekken met VWS inzake Jaardocument 2017. U kunt uw opmerkingen, algemeen en specifiek, mailen naar matt.schillings@psynip.nl

 

Jeugdbeleid aan de orde in Tweede Kamer

(11-11-2016)
Op maandag 14 november bespreekt de Tweede Kamer het onderdeel Jeugd en aanverwante zaken van de begrotingen VWS en van V&J 2017.

Naar verwachting zal er veel aandacht zijn voor de berichten in de kranten over enerzijds de tekorten bij gemeenten voor jeugdhulp en anderzijds het bericht dat gemeenten juist geld niet besteed hebben.Binnen het sociaal domein zijn verschillende clusters te onderscheiden. In het cluster Jeugd en maatschappelijke ondersteuning is door de gemeenten gezamenlijk bijna 1,2 miljard niet uitgegeven in 2015. Tegelijkertijd zijn er berichten over oplopende wachtlijsten en tarieven voor aanbieders die verlaagd gaan worden vanwege financiële problematiek.

In het overleg in de Tweede kamer wordt ook de voortgangrapportage jeugdstelsel besproken. Daar wordt ingegaan op de cijfermatige ontwikkelingen in de jeugdhulp en jeugdbescherming. Bij deze voortgangsrapportage zijn ook tal van onderzoeksrapporten gevoegd waarbij in een aantal gevallen gebruik is gemaakt van de beleidsinformatie die aanbieders van jeugdhulp en jeugdbescherming halfjaarlijks aanleveren aan het CBS.

In de bijlagen bij de voortgangsrapportage treft u o.a. aan:
Een rapport over het WODC-onderzoek naar de juridische mogelijkheden voor (verplichte) hulp aan kwetsbare jongvolwassenen na kinderbescherming
Een onderzoek naar crisissituaties in de jeugdhulp
Een verkennend onderzoek naar de verschillen in aanpak voor kinderen met adhd
• De monitor transitie derde kwartaal 2016 van de cliëntenorganisaties. Meer dan een kwart van de meldingen in kwartaal 3 gaat over de financiering & organisatie van de hulp. Uit verschillende meldingen komt in kwartaal 3 naar voren dat de budgetten op zijn en kinderen tot 2017 moeten wachten tot zij de nodige hulp krijgen. Dit sluit aan bij de uitkomsten van de NIP enquête onder vrijgevestigde aanbieders van GGZ.

In de voortgangsrapportage wordt gerapporteerd over de voortgang van het programma professionalisering jeugdhulp en jeugdbescherming waar het NIP nauw bij betrokken is. voor meer informatie zie ook www.professionaliseringjeugdhulp.nl

Gemeld wordt dat de door NIP, NVO en BPSW ontwikkelde richtlijnen jeugdhulp het uitgangspunt vormen voor het ontwikkelen van kwaliteitsstandaarden. Deze worden na een wetswijziging op termijn in het kwaliteitsregister bij het Zorginstituut worden gedeponeerd.

In de voortgangsrapportage (par 3.1.) zijn afspraken opgenomen die de VNG en branches hebben gemaakt over een gedragslijn voor wachttijden. Wachttijden voor kinderen met een gedwongen opname zullen gemeld worden aan de Nza, die overigens geen formele rol heeft in het jeugddomein.

In het kader van het terugdringen van de administratieve lasten hebben alle 42 jeugdhulpregio’s een intentieverklaring getekend om drie uitvoeringsvarianten en standaarden te gaan gebruiken. Meer informatie daarover vindt u op www.i-sociaaldomein.nl. Aanbieders zijn welkom op de regiobijeenkomsten waarin uitleg wordt gegeven. Het NIP is inmiddels namens de kleinere aanbieders aangesloten bij het landelijk overleg.

Het overleg is maandag 14 november van 10.00 tot 17.00 uur ook online te volgen via de site van de Tweede Kamer 

Meer lezen:
De onderliggende financiële gegevens sociaal domein 2015 per gemeente vindt u hier
Van de vele krantenberichten (o,a, NRC, BN de Stem, Leidsch dagblad , de Volkrant, de Gelderlander, Binnenlands bestuur kunt u kennisnemen via twitter @sectorjeugdNIP.

 

Jaarwerkplan gezamenlijke inspecties Jeugd 2017

( 11-11-2016)
De Inspecties Jeugdzorg, Gezondheidszorg en Veiligheid en Justitie gaan in 2017 hun toezicht in het jeugddomein onder meer richten op nieuwe vormen van jeugdhulp die nu worden aangeboden.
Daarnaast wordt in 2017 verder gewerkt aan het verbinden van het landelijk toezicht jeugd met het lokale toezicht van gemeenten.

In het jaarwerkplan is ondermeer opgenomen dat op de nieuwe toetreders (gestart na 1 januari 2015) een risicoanalyse plaats vindt om te bepalen welke aanbieders bezocht worden. Het toezicht vindt plaats nadat een nieuwe toetreder minstens zes maanden in de praktijk bezig is met de uitvoering van jeugdhulp aan cliënten. Het toezicht door de inspecties volgt dus ná inkoop door de gemeente en komt niet in de plaats van de initiële kwaliteitstoets door gemeenten.

 

CBS: Aantal jongeren met jeugdhulp blijft gelijk

(02-11-2016)
Ruim 287 duizend jongeren hebben in de eerste zes maanden van 2016 jeugdhulp gehad. Dit is 6,5 procent van de jongeren tot 23 jaar, evenveel als in dezelfde periode van 2015. Bijna een kwart van de doorverwijzingen naar jeugdhulp werd gedaan door de gemeente, meldt CBS.

In 2015 is de jeugdhulp onder de verantwoordelijkheid van de gemeenten gekomen. Het gaat hierbij om hulp bij psychische of gedragsproblemen, een verstandelijke beperking of opvoedproblemen van de ouders.

De huisarts verwijst in vier van de tien gevallen
41 procent van alle verwijzingen naar jeugdhulp in de eerste helft van 2016 verliep via de huisarts. Daarnaast kwam bijna een kwart bij de jeugdhulpaanbieders binnen via de gemeente. Dit is meer dan een jaar eerder, toen nog 12 procent van de verwijzingen daarvandaan kwam. Het gaat dan om verwijzingen van wijk- of buurtteams van de gemeente, maar ook van de politie of vanuit het onderwijs.

Hoewel gemeenten in 2016 vaker als verwijzer optraden dan in 2015, zijn zij niet vaker de hulpverlener. Wijk- of buurtteams van gemeenten verleenden in de eerste zes maanden van 2016 net zo vaak jeugdhulp als in de eerste helft van 2015.

De jeugdhulp die wijk- of buurtteams uitvoeren, is veel meer dan andere hulpvormen gericht op de begeleiding van jongeren en veel minder op behandeling. Behandeling heeft tot doel om een probleem op te lossen of hiermee te leren omgaan, begeleiding richt zich meer op het ondersteunen bij het dagelijks leven.
Meer lezen? Zie de informatie op de CBS-website.

 

Ook NIP herkent wachtlijstproblematiek in de jeugdhulp

(23-09-2016)
Mede naar aanleiding van signalen van verontruste ouders meldden NOS en Nieuwsuur dat het geld voor jeugdpsychiatrie in veel gemeenten nu al op is. Het gevolg is dat kinderen tot volgend jaar moeten wachten op hulp bij een instelling.

Ook uit de NIP-enquête onder vrijgevestigde psychologen, psychotherapeuten en orthopedagogen blijkt dat kinderen en jongeren die bij vrijgevestigden aankloppen steeds vaker moeten wachten op passende hulp. Het NIP vindt dit een zorgwekkende situatie.

Net als de staatssecretaris van Rijn vindt het NIP dat juist kinderen en jongeren, die nog volop in ontwikkeling zijn, tijdig adequate hulp moeten krijgen om verergering van de problematiek te voorkomen.

Het NIP geeft haar leden het advies in te zetten op constructief overleg met de gemeente als een kind niet tijdig de noodzakelijke hulp geboden kan worden en samen te zoeken naar oplossingen. Dat vraagt om maatwerk.

Daarnaast is noodzakelijk dat Rijk en gemeenten met aanbieders in gesprek blijven om te zoeken naar structurele oplossingen voor deze wachtlijstproblematiek. Kinderen, jongeren en hun ouders mogen niet de dupe worden van bezuinigingen op de jeugdhulp die parallel aan de invoering van de Jeugdwet zijn doorgevoerd. Deze ingrijpende veranderingen vragen om innovatie zodat gepaste zorg voor jeugd gegarandeerd kan worden. De kinder- en jeugdpsychologen van het NIP leveren daar graag hun bijdrage aan.

 

Programma Professionalisering Jeugdhulp en Jeugdbescherming

(23-09-2016)
In de september-nieuwsbrief van het Programma Professionalisering Jeugdhulp en Jeugdbescherming PPJ&J leest u welke activiteiten het NIP samen met o.a. de brancheorganisaties, VNG, onderwijs en SKJ onderneemt in het kader van professionalisering van de jeugdhulp.

Het NIP zorgt in het programmateam voor de inbreng van de gedragswetenschappers in het jeugdveld. Via de tafel jeugd van P3NL worden de andere beroepsverenigingen betrokken. Met de vraag naar een meer integraal jeugdhulpaanbod wordt het verbeteren van de samenwerking tussen professionals en hun beroepsverenigingen steeds belangrijker. In de nieuwsbrief leest u hoe we daar aan werken in een van de deelprojecten.

Voor meer informatie zie de website van PPJ&J en de september-nieuwsbrief.

 

Het NIP in Tweede Kamer-gesprek over geestelijke gezondheid jongeren

(19-9-2016)
Op 16 september werd er in de Tweede Kamer een rondetafelgesprek over jongeren en hun geestelijke gezondheid gevoerd. Flip Dronkers, voorzitter van de sectie Jeugd, was bij dit gesprek aanwezig en heeft namens het NIP een Position Paper ingediend. Het NIP is van mening dat beleid niet zozeer op het genezen van stoornissen moet focussen als op het creëren van de optimale voorwaarden voor een gezonde ontwikkeling.

In het Position Paper argumenteert het NIP dat het van belang is om hindernissen of blokkades die een gezonde ontwikkeling in de weg staan op te heffen. De expertise van Kinder- en Jeugdpsychologen die kennis hebben van de ontwikkeling door de hele levensloop heen is hierbij onmisbaar. Zij zouden in overleg met ouders en kinderen moeten bekijken wat een kind in een specifieke fase nodig heeft. Het NIP is van mening dat men zou niet moeten problematiseren of medicaliseren als dat niet nodig is.

De speerpunten van het NIP met betrekking tot de zorg voor jeugd:
• De Kinder- en jeugdpsycholoog als verbindende factor
• Gepaste zorg door vroege inzet van expertise
• Ontwikkeling over schotten en stelsels heen
• Risico van overdiagnostisering door stoornisgericht bekostigen
• Het belang van de 1001 Kritieke Dagen: van zwangerschap naar burgerschap
• Onderwijs als vindplaats en werkplaats van psychische gezondheid

 

Professionalisering in het jeugddomein

(07-09-2016)
Wat is de taak van gemeenten bij professionalisering, en wat van zorgaanbieders? José Schilderinck, bestuurder van zorgorganisatie Ambiq, en José Manshanden, themadirecteur Sociaal van de gemeente Utrecht, over veranderde rollen en hetzelfde doel. Dat leest u in bijgaand artikel dat eerder verscheen in het blad Jeugd en Co.

José Schilderinck, bestuurder van zorgorganisatie Ambiq, en José Manshanden, themadirecteur Sociaal van de gemeente Utrecht, over veranderde rollen en hetzelfde doel. Dat leest u in bijgaand artikel dat eerder verscheen in het blad Jeugd en Co.

Het NIP is een van de deelnemers aan het programma Professionalisering Jeugdhulp en jeugdbescherming. Op de website van het programma leest u wat er door de partijen in het jeugdveld wordt ontwikkeld rondom de professionalsering en de invoering van de norm van de verantwoorde werktoedeling.

 

Kleinere aanbieders Jeugdhulp: uitstel en vereenvoudiging Jaarverantwoording Jeugd 2015!

(25-7-2016)
Het NIP bureau is in de afgelopen weken met het Ministerie van VWS tot afspraken kunnen komen met betrekking tot de wettelijke verplichting indienen jaardocument Jeugd voor 2015. Dit na veel klachten van leden ten aanzien van de aan te leveren informatie en de administratieve belasting hiervan. Samen met NVVP, NVO en LVVP heeft het NIP met de diverse partijen bij VWS gewerkt aan een sterke vereenvoudiging van deze wettelijke verplichting.

Bent u een aanbieder van jeugdhulp? En hebt u over 2015 nog geen jaarverantwoording Jeugd ingediend conform de Jeugdwet, maar staat u wel voor de taak om dit te doen? Dan is dit belangrijk nieuws voor u. De uiterste datum voor het indienen van de jaarverantwoording Jeugd over 2015 is inmiddels verstreken. Veel aanbieders hebben de jaarverantwoording Jeugd tijdig ingediend. Er zijn echter ook aanbieders die dit, om uiteenlopende redenen, nog niet hebben gedaan. Omdat het voor veel aanbieders het eerste jaar is dat zij op deze wijze verantwoording afleggen, ontvingen wij van een deel van hen verzoeken om uitstel of vereenvoudiging. Daarom is het volgende besloten om de uiterste datum voor het indienen van de gegevens is voor alle aanbieders van jeugdhulp verplaatst naar 15 september 2016.

Meer informatie en de te gebruiken formats kunt u vinden in de bijlagen bij dit bericht en zijn uiteraard ook te vinden in ons Jeugdwet Achtergronddossier.

De bijlagen bevatten:
de communicatietekst van het ministerie over bovengenoemd uitstel en de vereenvoudigde verantwoording
het definitieve format voor het jaardocument
het definitieve niet-verplichte model voor de hoofdposten uit de jaarrekening
een toelichting op het gebruik van de webtool, om het gebruik nog verder te vereenvoudigen

Let op: naast meer tijd en vereenvoudiging is er nog meer (3x) goed nieuws (staat ook in de documenten):
1. kostenmaatschappen, waarin beroepsbeoefenaren elk een eigen contract voor jeugdhulp hebben, worden gezien als solistisch werkende beroepsbeoefenaren en zijn dus vrijgesteld van de jaarverantwoording conform het jaardocument
2. jeugdhulpaanbieders die geen rechtspersoonlijkheid bezitten, vallen niet onder de WNT; grof gezegd zijn dit de eenmanszaken, maatschappen en VOF’s;
3. een accountantsverklaring is over 2015 wel gewenst, maar niet verplicht
Het NIP is tevreden met het resultaat en is blij met het begrip en de coöperatieve houding vanuit het ministerie en de verschillende betrokken stakeholders (o.a. CIBG, CBS, Inspectie Jeugdzorg)

 

Inspraak op aanleveren Beleidsinformatie Jeugd bij CBS

(25-7-2016)
Sinds 2015 leveren jeugdhulpaanbieders voor de beleidsinformatie jeugd gegevens over het jeugdhulpgebruik aan bij het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). CBS verwerkt deze gegevens tot statistieken en rapportages en publiceert deze op StatLine, zodat iedereen daar gebruik van kan maken. De levering gaat volgens afspraken zoals vastgelegd in het informatieprotocol beleidsinformatie jeugd. In het informatieprotocol is gedetailleerd beschreven welke definities de jeugdhulpaanbieders moeten hanteren, zodat wordt voorzien in ‘eenheid van taal’

Veel gemeenten vragen van de jeugdhulpaanbieder dezelfde informatie op als dat CBS vraagt voor de beleidsinformatie. Daarom stelt het CBS spiegelrapportages beschikbaar aan de jeugdhulpaanbieder. Deze rapportages bevatten de belangrijkste totalen van gegevens die de zorgaanbieder zelf heeft aangeleverd, onderscheiden naar de afzonderlijke gemeenten. Met deze informatie kan een aanbieder de gemeenten inzicht geven in de activiteiten die zij voor die gemeente heeft verricht.

Vanwege het vertrouwelijke karakter van de gegevens stelt het CBS ze beschikbaar via het beveiligde downloadportaal van het CBS. U bent hier in juni al over geïnformeerd door het CBS (zie bijlagen). Om het gebruik van dezelfde set gegevens voor zowel beleidsinformatie als verantwoording aan de gemeenten te stimuleren wordt geïnventariseerd of er behoefte is aan aanpassing van het informatieprotocol. Mogelijk vragen gemeenten gegevens net iets anders of ontbreken er antwoordcategorieën.

Hiermee wordt u uitgenodigd om te reageren op het huidige informatieprotocol en suggesties voor verbeteringen, aanpassingen, toevoegingen en/of toelichtingen te melden. U kunt reageren op dit bericht of u kunt een mail sturen aan: matt.schillings@psynip.nl Ook suggesties voor de spiegelrapportage zijn welkom.
Naast de landelijke cijfers die de beleidsinformatie oplevert, wordt verdiepend onderzoek verricht op basis van of met betrekking tot de cijfers. Tot nu toe zijn de volgende rapportages opgeleverd:
Onderzoek toegang
Onderzoek betrouwbaarheid en volledigheid aangeleverde informatie

Bijlagen
Informatieprotocol beleidsinformatie jeugd
Geanonimiseerde aanschrijfbrief terugspiegelrapport
Voorbeeld terugspiegelrapport

 

Aanpassingen DBC-Jeugd 2017

(20-07-2016)
Op 14 juli jl. heeft er een overleg plaats gevonden met softwareleveranciers, NZa, VNG, ISD, zorgaanbieders en GGZ Nederland over de gevolgen van de DBC-productstructuur 2017 voor de jeugdggz.

Aan de hand van de beschreven wijzigingen voor de volwassenen-ggz zijn de gevolgen voor de jeugd-ggz behandeld (zie stuk ‘Regelgeving en release GGZ en FZ 2017). De volgende uitgangspunten golden: in principe geen wijzigingen voor gemeenten; in principe zoveel mogelijk volgens regels 2015; in principe voor de jeugd-ggz dezelfde werkwijze als voor de volwassenen-ggz (geïntegreerd). De belangrijkste afspraken die zijn gemaakt zijn:
• NZa levert uiterlijk medio augustus drie tabellen op aan de VNG: diagnosetabel DSM4, diagnosetabel DSM5 en een conversietabel van DSM5 naar DSM4 met diagnosecodes voor zowel volwassenen als jeugd.
• Voor de jeugd-ggz wordt dezelfde werkwijze als voor de volwassenen toegepast bij:
•Activiteitentabel 2017 (incl. activiteiten jeugd-ggz) geldt ook voor jeugd-ggz
•Beroepentabel 2017 geldt ook voor jeugd-ggz
•Aanspraakbeperking op primaire diagnose
• Voor de jeugd-ggz wordt de volgende werkwijze niet toegepast:
•HIC
•Heropenen DBC
•Wijzigingen parallelle DBC 2017

Net als vorig jaar wordt een geïntegreerd DBC-pakket 2017 opgeleverd dat leveranciers kunnen inbouwen voor zowel volwassenen als jeugd. Afgesproken is het DBC-pakket uiterlijk 1 september te publiceren op de site van de VNG. De doorgevoerde wijzigingen hebben geen gevolgen voor gemeenten.

Voor NIP leden die werken met een kleinere (registratie en declaratie) software leverancier is het wellicht goed om bovenstaande met hun leverancier te bespreken.

 

Factsheet woonplaatsbeginsel 2016

(20-07-2016)
Veel NIP-leden werkzaam in het jeugdhulp domein hebben er mee te maken. Het woonplaatsbeginsel (onder welke gemeente valt mijn klant). Het woonplaatsbeginsel in de Jeugdwet regelt welke gemeente verantwoordelijk is voor de jeugdhulp. Het bepaalt ook welke gemeente de jeugdhulp betaalt. In de praktijk blijkt het soms ingewikkeld om te bepalen welke gemeente (financieel) verantwoordelijk is voor de jeugdhulp.

Een werkgroep van VWS, VNG, (jeugd)zorgbranches en de Transitie Autoriteit Jeugd (TAJ) heeft gekeken hoe de toepassing van het woonplaatsbeginsel verduidelijkt kan worden. Bijgevoegde factsheet heeft het doel de toepassing van het woonplaatsbeginsel te verduidelijken. Zowel aan de hand van de theorie als op basis van casuïstiek. De werkgroep woonplaatsbeginsel zoekt tevens naar mogelijkheden tot vereenvoudigen van de toepassing van het woonplaatsbeginsel.

Ook is een nieuwe versie van het stappenplan voor de bepaling van de verantwoordelijke gemeente bijgevoegd. Hierin zijn twee kleine wijzigingen doorgevoerd: bij voorlopige voogdij geldt bij tienermoeders werkelijk verblijf baby (i.p.v. situatie voordat de voorlopige voogdij werd uitgesproken) en als geen hoofdverblijf kan worden vastgesteld dat stap 2 voor beide ouders dient te worden doorlopen.
• Factsheet Woonplaatsbeginsel

 

CBS: Een op de tien jongeren krijgt jeugdhulp

(29-04-2016)
Op basis van alle beleidsinformatie die aanbieders van jeugdhulp en jeugdbescherming ieder half jaar verplicht aanleveren heeft het CBS vandaag het jaarverslag Jeugdhulp 2015 gepubliceerd.

Daaruit blijkt dat het gebruik van jeugdhulp verschilt per regio. Jongens maken meer gebruik van jeugdhulp dan meisjes en dat de meeste hulptrajecten gericht op behandeling. Relatief minder niet- westerse allochtone jongeren maken gebruik van jeugdhulp. De meeste jeugdhulp wordt geleverd na doorverwijzing door de huisarts. En de meeste hulptrajecten duren korter dan een half jaar en worden vaak beëindigd volgens plan.
Lees hier het nieuwsbericht met linken naar het jaarrapport 2015 en het gebruik van PGB’s

Monitor jeugd: Monitor jeugd nog altijd veel meldingen
De clientenorganisaties hebben deze week hun monitor over het eerste kwartaal gepubliceerd. net als in 2015 gaan de meeste meldingen over de toegang tot jeugdhulp gaan. ‘Het toewijzen van de hulp en de beschikking’ en ‘de informatie die melders (niet) krijgen’ zijn de twee grootste redenen om te melden. Melders noemen in veel gevallen ook ‘de manier waarop er met mij wordt gepraat’ als reden tot melding. Zij voelen zich niet gehoord en niet betrokken bij de toewijzing van jeugdhulp. Ernstige ontwikkelingen zien wij bij melders die aangeven dat er geen passende hulp wordt geboden en dat het aanbod van gecontracteerde zorgaanbieders in de gemeente en het budget leidend lijkt te zijn.

 

Nu online: FAQ Contracteren en aanbesteden in het jeugddomein

(24-03-2016)
Naar aanleiding van de interactieve webinar ‘inkoop jeugdhulp vrijgevestigden’ hebben NIP en NVO de Frequently Asked Questions online geplaatst.

Enige tijd geleden organiseerden NVO en NIP een webinar ‘Ondersteuning inkoop jeugdhulp’, exclusief voor hun vrijgevestigde leden. Tim Robbe (advocaat, bestuurskundige) sprak in deze webinar over verschillende manieren van inkopen door gemeenten, met daarbij de kansen en risico’s voor u als vrijgevestigde, de aanbestedings- en contractrechtelijke context, de gemeente als opdrachtgever, kostprijzen en onderhandelingstechnieken. De webinar werd op de avond zelf door meer dan honderd NIP/NVO-leden bekeken en hoog gewaardeerd. Sindsdien wordt de webinar via het ledennet herhaaldelijk teruggekeken.

Tijdens de webinar konden deelnemers vragen stellen. Deze vragen en bijbehorende antwoorden hebben we voor u samengevat in een FAQ.
Klik hier om naar de FAQ te gaan. De webinar zelf kunt u nakijken via het ledennet van het NIP en/of de NVO.
Voor meer informatie over (inkoop) jeugd-ggz verwijzen we u ook graag naar:
Handreiking inkoop jeugd-ggz bij vrijgevestigden
Themadossier Jeugdwet

 

Alles wat relevant is na één jaar Jeugdwet

(24-03-2016)
Het voorjaar breekt aan en inmiddels kunnen we terugkijken op één jaar Jeugdwet. We hebben een overzicht voor u gemaakt van de thema’s en laatste ontwikkelingen die u als jeugdhulpaanbieder moet weten.
Bekijk hier het volledige overzicht in pdf

Wist u dat…
Terugblik 2015
• Er het afgelopen jaar verschillende monitors zijn verschenen?
meer weten?

Beroepsgeheim en privacy
• Het heel belangrijk is om te bepalen in welk kader gegevens uitgewisseld worden tussen de psycholoog en gemeente?
• De tijdelijke regeling Verwerking Persoonsgegevens leidend is als de gemeente privacy gevoelige informatie opvraagt in het kader van de declaratie van jeugdhulp?
• U nooit gegevens kunt delen met de gemeente zonder specifieke toestemming van de cliënt als daarom gevraagd wordt door de gemeente in het kader van de beslissing of de gemeente jeugdhulp gaat vergoeden? Hierbij zijn de Algemene Wet Bescherming Persoonsgegevens en de Beroepscode uw leidraad.
• U ook gedurende een behandeltraject niet meer gegevens met de gemeente mag uitwisselen dan dat in de tijdelijke regeling Verwerking Persoonsgegevens beschreven staat, tenzij er toestemming is van de cliënt en het in het belang is van uw cliënt om gegevens te delen.
• Eerder dit jaar de wegwijzer Beroepsgeheim in samenwerkingsverbanden door het NIP en andere veldpartijen is gepubliceerd?
meer weten?

Administratie
• Het NIP voortdurend aandacht vraagt voor de administratieve lasten in gesprekken met het ministerie en de gemeenten (VNG)?
• Er gewerkt wordt aan alternatieve bekostigingsmodellen, ter vervanging van het model dat is overgeheveld uit de Zorgverzekeringswet (GBGGZ/GGGZ)?
• Het zinvol kan zijn om met uw gemeente in contact te treden als het gaat om de jaarafsluiting?
• Gemeenten wettelijk verplicht zijn om de opbrengsten van de inzet van jeugdhulp te monitoren en het NIP in gesprek is over wat deze metingen gaan betekenen voor u als jeugdhulpaanbieder
• Er steeds meer softwaresystemen op de markt komen die behulpzaam zijn bij het genereren van beleidsinformatie die u halfjaarlijks dient aan te leveren aan het CBS
• De Jeugdwet eenmanszaken (zonder personeel in loondienst) vrijstelt van het indienen van een maatschappelijk jaarverslag bij het CIBG?
• NIP, NVO en NVMW een verzoek hebben ingediend voor toekenning AGB-code aan het Kwaliteitsregister Jeugd (SKJ)?
• meer weten?

Professionalisering
• Vanaf 1 januari 2016 alle psychologen werkzaam in het jeugddomein geregistreerd moeten staan in het Kwaliteitsregister Jeugd (SKJ) óf BIG-register?
meer weten?

Meer informatie
• U veel informatie kunt vinden op onze website www.psynip.nl/jeugdwet of op @sectorjeugdNIP?
• Ook de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) een Jeugdhulp ABC heeft?
meer weten?

 

Wat gebeurt er binnen het programma professionalisering jeugdhulp en jeugdbescherming?

(24-03-2016)
In de september-nieuwsbrief van het Programma Professionalisering Jeugdhulp en Jeugdbescherming PPJ&J leest u welke activiteiten het NIP samen met o.a. de brancheorganisaties, VNG, onderwijs en SKJ onderneemt in het kader van professionalisering van de jeugdhulp.

Het NIP zorgt in het programmateam voor de inbreng van de gedragswetenschappers in het jeugdveld. Via de tafel jeugd van P3NL worden de andere beroepsverenigingen betrokken.

Met de vraag naar een meer integraal jeugdhulpaanbod wordt het verbeteren van de samenwerking tussen professionals en hun beroepsverenigingen steeds belangrijker. In de nieuwsbrief leest u hoe we daar aan werken in een van de deelprojecten.
Voor meer informatie zie de website van PPJ&J en de september-nieuwsbrief.

 

Minder doorverwijzingen jeugd-ggz met kinder- en jeugdpsycholoog naast huisarts

(11-03-2016)
Uit een pilot blijkt dat huisartsen minder verwijzen naar de jeugd-ggz als er een gespecialiseerde kinder- en jeugdpsycholoog aanwezig is in hun praktijk. Ook werd de aanwezigheid van de psycholoog nabij de huisarts als drempelverlagend ervaren door de betrokken ouders en kinderen.

De pilot werd gedraaid in de gemeente Oude IJsselstreek. Hierbij werden verschillende huisartsen ondersteund door (gz)psychologen met Jeugd-expertise. De psychologen hielpen de huisartsen onder ander met het beoordelen of een kind een doorverwijzing nodig had. Zo ja of dat de basis-ggz of gespecialiseerde ggz is. Uit de pilot bleek dat artsen vaak zelf vonden dat ze te weinig specialistische kennis hadden waardoor ze voorheen eerder doorverwezen. De inpandig aanwezige psycholoog kon hen hierbij helpen en bij twijfel werd ook vaker naar deze psycholoog doorverwezen. Vaak konden de betrokken ouders en kinderen daar diezelfde week nog terecht.

Uit de pilot bleek dat de ouders en kinderen hier zelf heel tevreden over waren. Ze vonden het fijn om direct geholpen te worden en vonden het prettig op een voor hen laagdrempelige manier terecht te kunnen.

Ook bleek het aantal gesprekken tijdens de pilot minder. In de basis-ggz worden al gauw vijf gesprekken per kind uitgetrokken. Bij een gespecialiseerde ondersteuner bij de huisartsenpraktijk ligt dit op gemiddeld twee gesprekken.

Controlegroep
Gedurende de pilot was er ook een controlegroep van artsen die de extra ondersteuning niet kreeg. Na afloop bleek dat deze groep 58 kinderen waren doorverwezen naar specialistische ggz. Terwijl in de groep die wel extra ondersteuning kreeg, dit er maar 18 waren.

 

Van Rijn kondigt programma verbetering aanpak kindermishandeling aan

(11-02-2016)
Het NIP en collega-beroepsverenigingen hebben begin deze week bij staatssecretaris Van Rijn ernstige bezwaren geuit tegen een registratieplicht bij kindermishandeling. Inmiddels heeft Van Rijn gereageerd op de alternatieven van Augeo. Vanaf april start de VNG een programma gericht op de verbetering en versterking van de Veilig Thuis Organisaties.
In het programma zal de inhoudelijke aanscherping van stap 5 van de meldcode verder invulling krijgen. Met Augeo is door de staatssecretaris afgesproken dat zij met de beoogde trekker van het verbeterprogramma, de heer J.D. Sprokkereef, nauw gaan samenwerken om de verdere invulling van stap 5 van de meldcode vorm te geven. Het NIP gaat er vanuit dat de beroepsverenigingen daarbij betrokken zullen worden. In het algemeen overleg met de Tweede Kamer heeft de staatssecretaris toegezegd binnen een maand met een brief te zullen komen met de verder aanpak.
• Lees ons eerdere nieuwsbericht ‘NIP uit ernstige bedenkingen tegen registratieplicht kindermishandeling’
Lees hier het nieuwsbericht van de VNG
De brief van de staatsecretaris aan de Tweede Kamer in reactie op de aanbevelingen van Augeo
Lees ook de reactie van de nationaal rapporteur mensenhandel en seksueel geweld tegen kinderen

 

Ga hier terug naar het Jeugdwet achtergronddossier