Uitzonderingsregeling mondkapjesplicht

Vanaf 1 december 2020 geldt een mondkapjesplicht in de ‘publieke binnenruimte’. Voor een aantal doelgroepen in de ggz, gehandicapten- en ouderenzorg, kan het dragen van een mondkapje echter leiden tot een vorm van (psychische) ontregeling.

Zie hieronder de informatie over de uitzonderingsregelingen in publieke ruimtes. Voor intramurale zorg geldt dat binnen de zorglocatie het beleid van de instelling geldt.

 

Uitzonderingsregeling

Als het dragen van een mondkapje in ‘publieke binnenruimtes’ zoals winkels, overheidsgebouwen, stations en vliegvelden, niet kan vanwege een beperking of ziekte (dat kan ook een psychische aandoening zijn), dan mag een cliënt gebruik maken van de uitzonderingsregeling. De uitzondering geldt voor:

  • Mensen die vanwege hun beperking of ziekte fysiek niet in staat zijn een mondkapje te dragen of op te zetten. Bijvoorbeeld door een aandoening aan hun gezicht;
  • Mensen die door het dragen van een mondkapje last krijgen van hun gezondheid. Bijvoorbeeld door een longaandoening;
  • Mensen die ernstig ontregeld raken van het dragen van een mondkapje. Bijvoorbeeld vanwege een verstandelijke beperking of psychische aandoening. De uitzondering geldt ook voor hun begeleiders;
  • Mensen en hun begeleiders die afhankelijk zijn van non-verbale communicatie, zoals liplezen.

Binnen deze regeling is de persoon die geen mondkapje kan dragen zelf verantwoordelijk om desgevraagd aan te tonen dat hij/zij niet kan voldoen aan de mondkapjesplicht. Hulpverleners in de GGZ hoeven hier geen officiële verklaring voor af te geven (een formeel vastgesteld bewijsmiddel zou een vorm van medische toetsing vragen).

Mochten cliënten zelf vragen om een verklaring, of vind je het als behandelaar wenselijk om voor patiënten zorg te dragen voor een passend bewijs, dan zijn GGZ-behandelaars bevoegd om zelf een professionele inschatting te maken of je aan een dergelijk verzoek van cliënt kan en wil meewerken. Het staat organisaties ook vrij om op een alternatieve wijze cliënten te helpen aan bewijsmateriaal.

Een optie is dat u een kaartje dat mensen zelf kunnen downloaden van de site van Vilans meer effect geeft door daar bijvoorbeeld een stempel van de organisatie op te zetten. Andere mogelijkheden:

  • Het dragen van een face-shield;
  • een kaartje laten zien waarmee je je beroept op de vrijstelling;
  • briefje van een (huis)arts, behandelaar of instelling;
  • een verklaring van een begeleider of een naaste die gebeld kan worden;
  • een hulpmiddel of relevante medicijnen laten zien.

 

Face-shield

Een face-shield valt juridisch gezien niet onder de definitie van een mondkapje. De cliënt moet nog steeds kunnen aantonen waarom hij/zij geen mondkapje kan dragen, maar in veel gevallen zal het vervelende situaties voorkomen. Verschillende handhavende organisaties zullen soepel omgaan met mensen die een face-shield dragen in plaats van een mondkapje.

Mochten cliënten vragen hebben over het gebruik van een face-shield, dan kun je ze laten weten dat, als zij onder de uitzondering vallen, een face-shield een passend alternatief is.