Zorgprofessionals en patiënten merken nog onvoldoende van hoofdlijnenakkoord ggz

Anderhalf jaar na het afsluiten van het hoofdlijnenakkoord ggz zijn nog weinig concrete veranderingen zichtbaar in de ggz. Dit bracht het NIP in tijdens het Bestuurlijk overleg met Staatssecretaris Blokhuis en de HLA partijen op 17 december jongstleden.

De wachtlijsten zijn onverminderd lang, de administratieve lastendruk blijft hoog, en ook meer opleidingsplaatsen blijken moeilijk te realiseren ondanks hogere budgetten hiervoor.

 

Ook positieve punten

Toch zijn er ook enkele positieve punten te benoemen en constateren alle partijen dat er constructiever samen gewerkt wordt op de ggz meer toekomst bestendig te maken.

Zo zijn afgelopen jaar 35 zorgstandaarden onder regie van Akwa ggz beoordeeld op uitvoerbaarheid en kosten en ingediend bij het Zorginstituut Nederland. En ook komt er geleidelijk weer schot in de doorontwikkeling van de ROM als instrument voor samen beslissen en verbeteren van zorg. Onderwerpen waarover de meningen een jaar geleden nog behoorlijk uiteen liepen.

Voor het komend jaar ligt de opgave de professionals mee te nemen in het kennismaken en gebruiken van deze kwaliteitsinstrumenten en te blijven werken aan een verbeterde ggz voor professional en patiënt. Ook de aansluiting van de gemeenten bij het Hoofdlijnenakkoord ggz in de loop van dit jaar leek een jaar geleden nog ver weg.

 

Contourennota over toekomst van de zorg

Staatssecretaris Blokhuis kondigde in de miljoenennota al aan voor de zomer een zogenaamde contourennota aan de Tweede Kamer aan te bieden waarin hij schetst hoe de zorg toekomstbestendig kan blijven.

Door demografische ontwikkelingen blijft de zorgvraag in Nederland stijgen terwijl het aantal werkzame professionals in diezelfde zorg dreigt af te nemen. Dat vraagt om een andere benadering van zorg aldus Blokhuis, meer regionaal maatwerk met zorg op de juiste plaats en over de schotten van de verschillende domeinen heen.

Het NIP zal samen met de andere gesprekspartners hier op korte termijn suggesties voor aandragen. Welke knelpunten dienen als eerste aangepakt te worden en waar zijn er reële verbetermogelijkheden.

Op 29 januari 2020 praten we verder met de staatssecretaris.